IWC Horloges

IWC Horloges
International Watch Company (IWC)
De grondlegger van IWC is Florentine Ariosto Jones. In 1869 besloot deze Amerikaan niet zijn eigen naam te gebruiken maar de naam International Watch Company omdat deze het beter zou doen voor zijn Amerikaanse doelgroep. Hij richtte dit bedrijf op in Schaffhausen aan de Rijnoever in het noordoosten van Zwitserland. Hier wilde hij gebruik maken van de toen nog lage Zwitserse lonen, de goedkopere bedrijfspanden, de Amerikaanse techniek en goedkope energie van zijn vrienden die een waterkrachtcentrale aan de snelstromende Rijn hadden die goedkope energie kon leveren. Tevens was zijn voormalig werkgever Dennison  hier ook gevestigd. Deze had verwacht dat de importbelasting van de amerikanen op de Zwitserse horloges zou worden afgeschaft. Toen dit uitbleef stopte hij met de fabricage van horloges

Jones had echter geen rekening gehouden met de tegenwerking van de locale bedrijven die vreesde voor hun werkgelegenheid door de concurrentie van een buitenlandse investeerder. Tevens was in 1873 de economie ingestort door de instorting van de bank en aandelenmarkt in Wenen. Daarnaast waren de kosten van de nieuwe fabriek en machines erg opgelopen.  In 1875 werd het bedrijf overgeleverd aan de curator. Een plaatselijk bankconsortium kocht het bedrijf en stelde een andere Amerikaan aan om het bedrijf te runnen. Dit was Frederic Frank . Deze was echter na twee jaar spoorloos verdwenen. Een onderzoek bracht aan het licht dat hij de waarde van de voorraden en de opdrachten veel te rooskleurig in de boeken had staan. In 1879 werd het tweede faillissement uitgesproken.
Eén van Jones oude vrienden Moser (eigenaar van een waterkrachtcentrale aan de Rijn) en schuldeiser van IWC  had zijn waterkrachtcentrale verkocht aan Johannes Rauschenbach-Vogel. Deze werd aangesteld in de raad van bestuur van IWC. Een jaar later stierf deze echter. Zijn zoon en erfgenaam Johannes Rauchenbach- Schenk werd langzaam blind.
Deze liet het vakwerk over aan Urs Haenggi een zeer ervaren horlogemaker. Naast zijn vakmanschap was hij zakelijk ingesteld en hielp het bedrijf weer overeind. In 1895 werd de energievoorziening vervangen door elektriciteit en was rond de eeuwwisseling IWC klaar voor het fabriceren van zeer nauwkeurig lopende polshorloges. Tijdens de eerste wereldoorlog werden deze gedragen door de officieren voor de precieze tijdmeting. In 1955 werd Hans Ernst Homberger door een erfenis de laatste particulier eigenaar van IWC.

Op 9 januari 1885 starte IWC met het geven van  unieke nummers aan ieder uurwerk.  Tot op de dag van vandaag gaat deze traditie door.

In 1978 kwam het bedrijf in handen van het West-Duitse VDO Adolf Schindling AG. Jaeger-LeCoultre werd onder het beleid van dit bedrijf een zustermaatschappij van IWC. In 1991 werd dit bedrijf weer overgenomen door de Mannesmann groep. In de werkmaatschappij LMH waren zij ook voor 60% eigenaar van Jaeger-Le Coultre en 90% eigenaar van Lange&Sohne. In 2000 werd de LHM groep weer overgenomen door Richemont

Rond 1938 was er in Portugal behoefte aan een groot nauwkeurig polshorloge met het uurwerk van een zakhorloge. Zo werd de Portuguese geboren. Bij het 125 jarig bestaan van IWC werd de serie opnieuw geïntroduceerd en is inmiddels een van de meest succesvolle series van IWC. Het horloge is nu nog vrijwel hetzelfde als het eerst geintroduceerde model. In 2010 is er een reeks nieuwe IWC Portuguese uitgekomen.

Ook in 1930 werd het pilotenhorloge Mark IV geintroduceerd.
In 1940 werd de basis gelegd voor een andere bekende serie. Het pilotenhorloge de fliegerchronograaf. Een grote zwarte wijzerplaat, dikke lichtgevende, schreefloze Arabische cijfers, een draaibare lunette en een antimagnetisch uurwerk door een binnenkast van zacht ijzer, en een extra lang horlogebandje voor over het vliegenierspak zijn de kenmerken die dit horloge uniek maken.In 1944 werd de IWC Mark IV opgevolgd door de IWC Mark X met een diameter van 55 mm. Deze Mark X werd in 1949 opgevolgd door de Mark XI. Het is speciaal voor de RAF ontwikkeld en moest bestand zijn tegen extreme omstandigheden.

In 1949 werd de ingenieur collectie gelanceerd met een gepatendeerd uurwerk met twee automatische constructies (Pellatonmechanisme)  en datumaanduiding.
In 1969 werd de Da vinci serie geïntroduceerd  in quartz. Dit type werd in 1985 opgevolgd door een automatische da Vinci met eeuwigdurende kalender, geprogrammeerd tot 2499. Dit horloge kan volledig via de kroon bijgesteld worden.
Ook IWC heeft last gehad van het quartz tijdperk. Hoewel ze op het gebied van de quartz techniek voorop lagen hebben ze niet ingezien dat de prijs van deze uurwerken zo laag zou gaan worden. Gelukkig hebben  ze altijd nog mechanische horloges gemaakt en hebben ze, ook in de quartz crisis, altijd reclame gemaakt voor IWC.
Ferdinand Porche heeft verschillende horloges voor IWC ontworpen. IWC maakte in deze tijd super modellen van titaan.  Onder andere het Kompasshorloge in 1978. Een totaal antiemagnetisch horloge met een kompas onder de wijzerplaat.

Veel horloges van IWC zijn nog steeds leverbaar in vrijwel dezelfde uitvoering als ooit het eerste horloge. Jaarlijks komen er nieuwe IWC modellen uit.  De horloges richten zich op het hogere segment en hebben een strakke klassieke vormgeving en kenmerken zich door topkwaliteit materialen en handmatige afwerking.

De officiële IWC horloges site

Horlogemerken overzicht